Posts tonen met het label koereiger. Alle posts tonen
Posts tonen met het label koereiger. Alle posts tonen

zondag 9 februari 2025

Even iets moois nr. 572 - Koereigertjes

Afgelopen vrijdag ging ik op zoek naar de Siberische tjiftjaf, maar die vond ik niet. Dan maar naar de Koereigers, waarvan er een drietal liep in de polders rond Vinkeveen. Ik heb me er meer dan een uur vermaakt.





Een Roodborst, in de struik waar gisteren nog die rare tjiftjaf zat. Ook een ijsvogel liet zich zien, maar niet fotograferen.





Kolganzen, onze polders zitten er (te) vol mee. Eind deze maand zullen ze wel vertrokken zijn naar hun broedgebieden op de Siberische toendra's.





Juist, de Koereiger. De Koereiger is 45 tot 52 cm lang. Het is een vrij kleine, compacte, actieve, witte reiger met een korte, vaak ingetrokken nek. 





Buiten de broedtijd is de vogel egaal wit, met een gele snavel en geelgrijze poten. In de broedtijd kleurt de snavel iets meer naar oranjegeel, de poten zijn dan ook lichter en er zijn oranje veren op de kruin, borst en mantel.





De vogel dankt zijn naam aan het feit dat hij vaak in groepjes het vee op de weide vergezelt. Grazend vee jaagt vaak insecten, kikkers, muizen en andere kleine dieren uit hun schuilplaats die de vogel graag eet. Ze staan ook vaak op de rug van grazende zoogdieren.





Hier is wel duidelijk te zien dat het maar een kleintje is. Wel erg actief; ze struinen soms in gestrekte draf het weiland af.





In de winter is er niks comfortabeler dan schapenwol, dat weet zelfs een Ekster.





De Koereiger stond tot voor een jaar of tien te boek als zeldzaam. Sindsdien is hun aantal gestaag toegenomen en ze broeden hier ook (in 1998 het eerste broedgeval.)





Het is trouwens toch een succesvol kolonisator. Een eeuw geleden was het nog een typisch Afrikaanse vogel, maar van daaruit stak hij zeeën en oceanen over. Je vindt ze nu ongeveer overal, zelfs in Vinkeveen.

Daarna liep ik nog een rondje over de 's Gravelandse buitenplaatsen, op zoek naar spechten en appelvink, maar het was er alleen maar koud.

zondag 22 september 2024

Even iets moois nr. 556 - Een schrale oogst

Het lukte allemaal niet zo, de afgelopen vrijdagen. Ik maakte meer kilometers dan foto's en dat is precies omgekeerd aan wat ik graag doe. Maar goed, met de herfst in het verschiet wordt het allemaal beter natuurlijk...





In het Oostvaardersplassengebied zie ik in het langsrijden een stuk of zes kleine reigertjes. Ik parkeer de auto even verderop en loop terug. Jahoor: Koereigers! Ze doen wel hun naam eer aan door deze zitplaats te kiezen.





Ik roep aan de koe of ze even op wil kijken (alles voor de foto, nietwaar) maar ze graast nurks door. Jammer.





U heeft ze vast al gezien: de Tapuiten trekken door! Ze rommelen graag wat op de grond en zijn ook nog eens vrij schuw, dus ik ben erg blij dat deze even op een paaltje wilde poseren.





Putter of distelvink, en we zien hier waarom ze zo heten. Een groep van een stuk of 20 probeert bij de zaadjes van de distel te komen. Vrolijke, sociale vogeltjes, niet zo makkelijk te benaderen.





Haha, geweldige foto natuurlijk. Voor de vogelaar onmiskenbaar: de Visarend. Ik besteedde de afgelopen week aardig wat uurtjes aan wachten op een plek waar hij zou kunnen komen vissen. Ik had fantasieën van een vogel voor de lens met een grote baars in zijn klauwen, maar helaas. Het bleef bij een verre passant. Maar: beter dan niks...





Een mooi landschap past ook altijd in deze rubriek, hoewel dit meer een rivierschap is. Maar met het pensioen in zicht wil ik met dit plaatje laten zien dat ik er een hobby bij heb: dronepiloot. Erg leuk om te doen en vanaf 50 meter hoogte ziet zelfs je eigen wijk er heel anders, zelfs onbekend uit. Maar goed, dit is natuurlijk het stuw- en sluizencomplex Hagestein.








zondag 18 februari 2024

Even iets moois nr. 542 - Struinen door bos en polder

Ik waagde deze vrijdag nog een poging om de middelste bonte specht voor de lens te krijgen. Dat lukte niet. Wel regende ik helemaal door want ik liep zonder paraplu door het bos. Tja.





Al struinend door het bos kreeg ik ineens het gevoel dat ik bespied werd...





Ook in het bos een luidruchtige dreumes, de Winterkoning. Hij strijkt ineens vlak voor me neer en zingt me enthousiast toe.





Ik verlaat het bos in de middag en concentreer me op de polder. En zie, een mooie Torenvalk aan de slootkant, vast op zoek naar een muisje.





Tot mijn verbazing tref ik in de polder zomaar een groep van 13 grote zilverreigers, maar - nog mooier - ook nog eens 3 Koereigertjes. Ze heten nog steeds zeldzaam, maar volgens mij worden ze wel steeds gewoner.





Veel te ver natuurlijk, maar het gaat me even om die bruine vogels die zich mengen tussen de kieviten. Het zijn Goudplevieren die hier vrij massaal en toch amper zichtbaar overwinteren. Vliegen de kieviten op, dan doen de plevieren hetzelfde; strijken ze weer neer, dan doen ze ook dat gezamenlijk. Daarom kijk ik altijd extra alert naar de kieviten die soms in enorme groepen boven de polders zweven. Bijna altijd (in de winter) zie je er de kleinere, slankere Goudplevieren tussen.





Nog een plaatje vanuit de kop van Noord-Holland, die ik maakte vanuit mijn werk. Het is een Zwarte Ruiter in winterkleed. Zoals de naam doet vermoeden is hij zwart in de zomer, maar dan zijn ze opgeschoven naar veel noordelijker streken. Mooie vogel.

zondag 4 februari 2024

Even iets moois nr. 540 - Van plas tot gras

Ik had weinig zin of aanleiding om ver weg te gaan, dus zocht ik in de omgeving wat leuke vogels. Als je openstaat voor het onverwachte, dan raak je niet gauw teleurgesteld.





In de Loosdrechtse Plassen, hier vlakbij, zitten 's winters nogal wat Brilduikers. Een leuke eendensoort die straks al vroeg vertrekt naar zijn broedgebied in Arctische streken. Schuw.





Zijn naam in het Engels is Goldeneye en dat is toch zeer toepasselijk.





Ik verdaag in een grote groep kleine vogeltjes, bij nadere beschouwing bestaande uit Putter, sijs en barmsijs. Geen van alle wil poseren, maar dit Puttertje vang ik dan toch nog.





Nou kijk zeg, een kwartiertje verderop foerageren twee Koereigertjes. Met een beetje geluk zie je ze op een koe of schaap staan en met bijna evenveel geluk zie je ze een landje afstruinen.





Klein zijn ze, ongeveer de helft van onze blauwe reiger. Maar zoals je hier ziet zijn ze ook best een beetje trots op zichzelf. Misschien zie je voor op de kop een klein stukje vaag oranje. In voorjaar en begin zomer breidt dat zich uit tot een duidelijk oranje kruin.





Ze zijn erg actief en staan geen moment stil. Als ik aan kom en de auto stop vliegen ze wat naar achteren, maar met een half uurtje rommelen ze vlak langs me heen zonder acht te slaan op mijn aanwezigheid. Broeden doen ze in zuid-Frankrijk, maar hun leefgebied strekt zich langzaamaan steeds verder naar het noorden uit. Desondanks staan ze hier nog steeds te boek als zeldzaam.





In Groenekan, weer luttele kilometers verderop, ga ik op zoek naar de middelste bonte specht, en die vind ik niet. Wel de kleine, puur bij toeval, en zonder kans op een plaatje. Maar gewoon een bosfoto is ook al hartstikke mooi.


zondag 5 februari 2023

Even iets moois nr. 503 - Amsterdamse Waterleidingduinen

Dagje struinen door de duinen. Het leverde me veel waarnemingen op - tegen de 50 soorten - maar bijna geen foto's. Het bleef allemaal ver weg. Ik heb nog even een ijsvogel achtervolgd en er een poosje op staan wachten, maar ook dat bleef zonder plaatje. De gehoopte klapekster en grote gele kwik lieten zich zelfs helemaal niet zien. Wel had ik een paar blaren, maar ik legde dan ook heel wat kilometertjes af.





Die was er ook: de Grote Zaagbek. Woont 's zomers in Scandinavië en richting Siberië, maar verkiest in de winter gematigder streken.





Door in de berm te gaan liggen kwam de vogel steeds dichterbij. Tot er een fotograaf zonder enige voorzichtigheid over de andere oever banjerde, op weg naar zijn ijsvogeltak. Beetje aso; de meeste vogelaars wachten dan even tot ze niets verstoren, maar deze dacht alleen aan zichzelf. Jammer. Vogel gevlogen.





Even op Waarneming gekeken of er in de buurt nog iets interessants was ontdekt. En jawel, een paar kilometer zuidelijk zou een Koereigertje in het weiland zitten. Erop af!





Koereigers staan te boek als zeldzaam, maar er zit er hedentendage altijd wel ergens eentje en ze nemen langzaam in aantal toe. Waarschijnlijk zijn er zelfs broedgevallen. Mooier is een foto van zo'n vogel tussen het grazend vee, of op de rug van een koei. Maar ja.





Omdat mijn batterij nog vol is en mijn kaartje vrijwel leeg, maar ook uit nostalgische overwegingen, doe ik aan het eind van de middag even Schiphol aan. Daar tref ik een tweetal Kauwen. Ze hangen daar altijd rond de vuilnisbakken bij de Mac in de overtuiging dat er altijd wel wat te snaaien valt. En dat is ook zo.





Bij de MacDonalds kijk je bij westenwind mooi naar het verkeer dat binnenkomt op baan 09-27. Hier een Airbus A320. In de achtergrond, het zwarte gebouw rechts, zit een neef het vliegverkeer te regelen. Ik voel me niet vrij er aan te bellen voor een kop thee dus ga ik maar gewoon naar huis.

donderdag 14 april 2022

Even iets moois nr. 472 - Portugal

We brachten een klein weekje door in Portugal. We zagen qua vogels minder dan verwacht, en heel veel minder dan gehoopt. En zelfs de zon liet zich amper zien. Een impressie.





In ons land vrij zeldzaam, in Portugal algemeen: de Koereiger. Hij doet zijn naam eer aan, dacht ik zo.





Prachtig natuurlijk, zo'n Roodborsttapuit, maar die vind je hier in Nederland ook zat. Het is een van de vogelsoorten waarmee het goed gaat.





Jawel, het Groentje. Op die ene zonnige dag waren er direct diverse soorten vlinders te bewonderen.





De Atlantische kust van Portugal is ruig en rotsig, maar op sommige plekken vol met een soort reuze ijsbloemen. Ik meen dat dit de Hottentotvijg is.





Het haventje van Sines. Een pittoresk gezicht met al die gekleurde bootjes.





Ooievaren broeden langs de kust gewoon op de rotsen. In het nest zie je één ei liggen.





De rotskusten zijn echt prachtig maar ook relatief druk. Er loopt namelijk de Fishermen's Trail, een langeafstandswandelpad van een dikke 200 km - naar verluidt de mooiste kustroute van Europa - en die trekt aardig wat lopers.





De Kneu, zowel daar als in ons eigen land te bewonderen.





Klapeksters zitten graag op draden zoals deze, speurend of zich een hagedisje of zo wil laten verschalken.





Op het terrein van ons huisje - we hadden ruim een halve hectare voor onszelf - stonden diverse soorten orchideeën. De meest fotogenieke vond ik toch wel de Tongorchis. Op handen en knieën struinen we een uurtje door de ruigte.





Nog eentje dan. Je ziet ook goed waaraan hij zijn naam heeft te danken.





Alentejo, de streek waar we zaten, is bedekt met Kurkeiken. Om de acht tot tien jaar moet daarvan de bast worden geschild, anders gaat de boom dood. Buiten dat is het een buitengewoon grillige boom; erg fotogeniek vind ik, en ik raak er niet snel op uitgekeken.





Ik zou hem niet zomaar gevonden hebben: de Paarse Aspergeorchis. Hier nog zonder bloemen en dan zie je goed waarom hij heet zoals hij heet.





Kijk nou: een Hop. Twee zelfs! We stuiten op een groepje van vier, maar kunnen er niet naar toe sluipen vanwege een afrastering. 





Als ik op mijn knieën tot aan de draad kruip duikt de Hop in een oneffenheidje in het terrein en blijft daar doodstil zitten. En inderdaad hoor, ik zie hem niet ;-)

zondag 23 januari 2022

Even iets moois nr. 462 - Het werd het niet helemaal...

Ik begon de vrijdag met een overzichtelijk wensenlijstje: goudvink, koereiger en baardman waren de doelsoorten van de dag. Alle drie fotogeniek, en met een beetje geluk ook wel te vinden, niet te ver van huis.





Op de plek waar de goudvink zich vaak ophoudt trof ik hem niet. Wel een groepje Kepen. Ook erg leuk, want er zijn niet zoveel oranje vogels. Ze overwinteren hier deels en trekken dan gezamenlijk op met vinken. Broeden doen ze bij voorkeur in noord Scandinavië en Siberië.





Luid kwetterend trekt een groepje Staartmezen voorbij. U heeft ze vast ook wel eens kortstondig in uw tuin. Sociaal, nooit alleen; trekt zich van mensen niets aan.





O, da's een makkie. Ik kom aanrijden en zie aan de overkant van de sloot twee Koereigers. 200 meter verderop nog twee, en 150 meter bezijden daarvan nog eens twee. Zomaar zes Koereigers, die toch voor ons land als zeldzaam te boek staan.





Vrij actieve beestjes, meestal dicht in de buurt van schapen of koeien. Daar zoeken ze naar insecten die door de hoeven van de grazers naar boven zijn gekomen. Vee liep hier niet; ze zochten kennelijk naar wormen en larven die tussen het gras zaten.





Nee, ze lijken niet op die grote zilverreigers waar onze polders vol mee staan. Die zijn minstens 2x zo groot en anders gebouwd. Deze horen thuis in zuidelijker Europa, maar ze schuiven wel op naar het noorden. Er schijnen zelfs enkele paren al hier te broeden. Afijn, na wat foto's gingen we ieder ons weegs.





De Krakeend. Vanuit de verte een beetje saai donker, maar van dichterbij bezien vol met mooie streepjes en structuren. Kenmerkend is hun ietwat nurkse 'krok.'





Tja, nou kon ik wel een lang gezicht trekken omdat de baardman niet wilde poseren, maar uiteindelijk is het de natuur en die laat zich niet zomaar regisseren. En altijd weer de vraag: kijk je alleen maar of ben je ook in staat om te zien...