Posts tonen met het label muurhagedis. Alle posts tonen
Posts tonen met het label muurhagedis. Alle posts tonen

maandag 31 augustus 2026

Even iets moois nr. 629 - Van alles en nog wat

Zo her en der heb ik nog wat plaatjes die het aanzien (meer dan) waard zijn. Van overal en nergens.





Er waren dit jaar overal wel Kolibrievlinders te zien. Het is een dagactieve nachtvlinder en vooral aan het eind van de middag of vroeg in de avond aan te treffen.





Kenmerkend zijn de enorm lange roltong en natuurlijk de supersnelle vleugelslag die aan een kolibrie doet denken.





Een algemene soort maar door zijn ijle gestalte niet heel opvallend: de Houtpantserjuffer.





Met dat rode oog een fraaie soort: de Kleine Roodoogjuffer. Toch nóg minder opvallend dan de juffer op de vorige foto. Hij is nog wat kleiner en ijler en houdt zich bovendien op aan slootkanten of op het kroos in de sloot. Je oog (haha...) moet er maar net op vallen.





Al jaren heb ik de wens een Zomertortel op de plaat te krijgen. Een lastige soort. Er zijn er al niet zo veel, zijn ook lang niet in het hele land te vinden en ze zijn daarbij ook nog eens verrekte schuw. Maar op een druilerige vrijdag toog ik naar de Flevopolder waar een paartje zou broeden. Ik moest er een kilometer of 9 vv. voor lopen maar kon uiteindelijk deze verre foto maken. Eigenlijk ben ik er best blij mee.





Een paartje Bruinrode Heidelibel in copula en tegenlicht.





Deze knaap wordt ten onrechte vaak voor een soort wesp versleten. Dat is hij niet zoals je al kunt zien aan de enorme ogen. Het is een Stadsreus, herkenbaar aan die ogen en het gele stuk hoofd daartussen.





In de botanische tuin op de Uithof kun je zoeken naar de Muurhagedis. Een nogal kwestieuze soort, althans op die plek. De authentieke Muurhagedis komt alleen voor in het zuiden van Limburg, met name op de stadsmuren van Maastricht. Op andere plekken in ons land is hij waarschijnlijk meegesmokkeld vanuit Kroatië of zo en hier los gelaten, door iemand die zich 'natuurliefhebber' voelt.





Ik zie dat ik elk jaar dit zelfde stukje Westerheide fotografeer. Het ging me, behalve om die mooie invoerende lijn, om de heide. Na de buien staan er stukken in bloei, maar het merendeel is toch dor en doods.





We zien dat hier nog wat beter: veel oranjebruin met af en toe wat paarse dotten. Het maakt het landschap wel extreem kleurig wanneer het zonnetje er een beetje op staat.





Ik ben gek op dit soort doorkijkjes. Een mooie omlijsting, een lichte verte en mensen of objecten die het contrast benadrukken. 

maandag 1 juni 2026

Even iets moois nr. 622 - Beekdalen en duinvalleien

Ik maakte de afgelopen weken (waaronder vakantie in zuid Limburg) onwaarschijnlijk mooie foto's. Kijk ik ze terug, dan staat het kippenvel in mijn nek. U zult dat niet hebben, maar je vindt ze vast ook het aankijken waard.





Zeldzaam, op slechts enkele plekken te zien en dan vooral in zuid Limburg: de Bosbeekjuffer. Niet te verwarren met de algemenere weidebeekjuffer. Ik hou van een foto met het onderwerp in de schaduw en een lichte achtergrond. Dat lukte hier prima.





Hier het bewijs dat door rood rijden best mag. Foto opgestuurd naar de politie, maar het heet niet voor niets het Miljoenenlijntje...





Niet echt optimaal, zo op de grond. Snel een foto want de zon kwam weer achter een wolk vandaan en dan weet je het wel: binnen 2 seconden vertrokken. Als het niet gaat zoals het moet, dan moet het maar zoals het gaat. Koninginnenpage natuurlijk.





Op meer plekken tegen te komen, maar alleen in zuid Limburg legaal: de Muurhagedis.





In weerwil van zijn naam vind ik 'm best bijzonder: de Gewone Oeverlibel, vrouw. Hangt te slapen op de St. Pietersberg.





Even dacht ik aan een lieveheersbeestje waarvan de stippen waren weggespoeld (het was nogal nat, onze eerste week vakantie) maar dit is gewoon de Grote Populierenhaan.





Ja, dit is dan weer zo'n foto waar ik met verbijstering naar kijk. Wat een geweldige ontmoeting. Dit is de zeldzame Duinparelmoervlinder. En hoewel zeldzaam, stond ik in een veldje met ossentong en daar vlogen er maar liefst een stuk of 40! Kennemerduinen.





Hoewel ik de onderkant prefereer, mag de bovenkant van de Duinparelmoervlinder er ook zijn.





Ook in de duinen komt de Gewone Oeverlibel voor. Hier het mannetje, zich warmend op het zand.





Hoewel vrij algemeen en overal te horen, slaag ik er niet zo makkelijk in de Braamsluiper voor de lens te krijgen. Houdt zich graag verborgen in de struiken. Zijn zang, zegt iedereen, doet denken aan een wekkertje. Nou ken ik niet alle wekkertjes, maar de overeenkomst tussen een wekker en een Braamsluiper is mij volslagen duister.





Een voor mij onbekend fladderbeestje, maar een korte zoektocht leverde de determinatie: een Lichte Daguil.





Libellen vind ik prachtig en soms denk ik dat ik er al wat verstand van ga krijgen. Zo zag ik in deze al vanuit de verte de vuurrode heidelibel, maar ik zat er naast. Het is de Zwervende Heidelibel. Te herkennen aan uhhh, nou ja, een streepje hier of daar, geloof ik... Mooi in ieder geval!






In extreem fel tegenlicht een portretje van de Geoorde Fuut. In afwijking van zijn grote neef nu druk met balts en nestbouw. Zoals eerder opgemerkt hou ik van tegenlichtfoto's. Dat daarmee een deel van het onderwerp uitgebleekt en nog maar amper zichtbaar is vind ik niet zo erg. Als geheel kan ik hier lang naar kijken.


maandag 20 april 2026

Even iets moois nr. 618 - Purperreiger en Oranjetipje en meer

Afgelopen vrijdag sloot ik me met Gerard op in een hut in een polder in de Alblasserwaard. Idee was niets te verwachten dus dan kan het alleen maar meevallen. En dat viel het.





Zonder enige aankondiging verscheen er ineens een Purperreiger ten tonele. Speurend naar prooi liep hij een kade af en gaf ons ruimschoots de tijd om de meest aansprekende foto's te maken.





Zijn hele kop heeft ongeveer de vorm van een bajonet. Ik zou niet graag de kikker zijn die hem voor de voeten loopt.





Sinds een week of twee is hij terug van zijn overwinteringsgebied in Afrika. Hij broedt bij voorkeur in een kolonie, ergens tussen hoog riet. Eten zoekt hij in natte weilanden en langs slootkanten.
Nu ik weer de foto's zie bekruipt me een gevoel van ontzag en een besef van bijzondere schoonheid. Ik was licht ontdaan van deze ontmoeting.





Spreeuw natuurlijk. Mooi in zijn glimmende verenpak met een olieachtige glans op sommige plekken. Ongeveer als het colbert van die oudere collega op mijn werk...





Heb je het over weidevogels, dan denk je gelijk aan de Tureluur. Tenminste, ik. Eveneens sinds een paar weken terug, of misschien heeft hij overwintert aan de kust. Nu in ieder geval weer luidruchtig aanwezig in de weilanden.





Terzijde van de hut staat op een paal een torenvalkenkast. Zojuist heeft het mannetje het vrouwtje afgelost bij het broeden, zodat ze even haar nageltjes kan doen en haar vleugels strekken.





Overal te horen en te zien: de Witte Kwikstaart.





Ook een weidevogel, zij het minder bekend: de Witgat. Nou ja, weidevogel. Broeden doen ze veel oostelijker, maar wie in het voor- of najaar door de polder loopt heeft een gerede kans er eentje te horen of te zien. Met een jolig tluul-ET-wiet-wiet landt hij ineens voor de hut.





Twee Canadese Ganzen op oorlogspad. Op een belendend perceel is een ander koppel neergestreken en dat moet beslist verjaagd worden. Niets menselijks is ze vreemd...





Als we anderhalf uur niets belangwekkends hebben we gezien verlaten we de hut en gaan op vlinderjacht in het Alblasserbos. Een absolute aanrader. Hier zien we de Gehakkelde Aurelia. Genoemd naar zijn 'gehakkelde' vleugelranden.





Bijna oogverblindend, de Dagpauwoog. Zeer veel voorkomend en overal wel te vinden.





Maar goed, eigenlijk ging het om deze: het Oranjetipje. Hier het vrouwtje dat weliswaar de oranje tipjes mist maar aan de onderkant nog steeds aantrekkelijk gevlekt is.





Ook het mannetje liet zich uitgebreid fotograferen. Ze vliegen maar een paar weken, dus er moet voortvarend een partner worden gezocht, gepaard, eitjes gelegd en dan is het alweer over. Dus ook de fotograaf moet in die paar weken zijn plaatje zien te schieten. Dat lukte dit keer wonderwel.





In de heemtuin treffen we deze Muurhagedis. Eigenlijk een illegale vreemdeling, want ze komen van nature alleen voor in Zuid-Limburg. Deze moet dus uitgezet zijn, maar is desondanks het aanzien meer dan waard.





Mooi hè. Dit is een Landkaartje. Die vliegen in twee generaties. In het voorjaar zijn ze oranje met zwart; de zomergeneratie is zwart met lichte vlekken. Allebei mooi.

maandag 30 juni 2025

Even iets moois nr. 586 - Vlinders en libellen 1

Afgelopen weekend waren we een paar dagen op pad met een vlinderreisje. Bestemmingen zowel Zuid-Limburg als Eifel en Ardennen. Ik heb daar vlinders (en libellen) gezien die ik nooit eerder zag. En maakte veel foto's, heel veel mooie foto's. Het worden daarom twee afleveringen, want voor eentje is het teveel en u wilt dit zeker niet missen. Gaan we.





De Phegeavlinder. Prachtig beestje; nachtvlinder, maar ook overdag actief. Vliegt op niet al teveel plekken in Nederland, maar wel in de Grote Peel op de grens van Noord-Brabant en Limburg.





Hoe ijl wil je het hebben? Mijn camera had flink moeite het beestje in de autofocus te krijgen. Het is de Koraaljuffer, nog niet volledig uitgekleurd. Die had ik in mijn eentje nooit ontdekt.





De Bloedrode Heidelibel. Heel bijzonder, die libellen, met hun complexe constructie van vleugels en kop. En onwaarschijnlijk mooi.





De Watersnuffel. Een redelijk algemene juffersoort.





Je blijft er gewoon naar kijken, zo'n Libel. In dit geval de Vuurlibel. Het mannetje is dieprood van kleur, de oudere vrouwtjes worden goudbruin.





U herkende haar natuurlijk al meteen aan die dikke kuiten: dit is het vrouwtje van de Blauwe Breedscheenjuffer. Vrij algemeen; ook erg mooi.





En dit is dan haar man.





Dit is de Bruinrode Heidelibel. Die hebben we jaarlijks ook in de tuin. Ik zet dan een stok voor hem neer zodat hij voor de jacht een prettige uitkijkpost heeft. En ik een fotokansje...





Nog een Watersnuffel. Hier op zijn uitkijkpost boven het water.





Aiai, een Muurhagedis. Komt hier te lande alleen in het zuiden van Limburg voor en ik mag niet vertellen waar ik deze trof. Zeer zeldzaam dus, en werkelijk prachtig om te zien.





Wie hem zijn naam gegeven heeft weet ik niet, maar dit is een Koevinkje. Mooie, warmbruine vlinder met opvallende 'ogen.'