Posts tonen met het label boomleeuwerik. Alle posts tonen
Posts tonen met het label boomleeuwerik. Alle posts tonen

maandag 11 mei 2026

Even iets moois nr. 621 - Amsterdamse Waterleidingduinen


Weer eens het duin in. Ik nam ingang De Zilk en ik hoopte op een mooi plaatje van de braamsluiper en de gekraagde roodstaart. Dat werd 'm niet; ze bleven beide in de beschutting. Desondanks een mooie dag gehad. Kijk maar mee.





De Grasmus. Zijn eenvoudige melodietje maakt hem makkelijk herkenbaar. Af en toe vliegt hij jubelend op om op een ander takje verder te gaan.





De Roodborsttapuit, een vrouwtje. Ze is nogal ongerust dus ik vermoed dat haar nest ergens in het struweel verstopt ligt.





Een Boomleeuwerik daalt af vanuit zijn boomkruin om wat te eten te halen. Zijn zang, die klinkt alsof hij in muzieknootjes een trap afdaalt, maakt me altijd weer vrolijk.





Mooi wel, het Duinviooltje. Er staan er zat.





Boompieper. Leuk en herkenbaar is zijn baltsvlucht. Hij stijgt dan enkele tientallen meters op en laat zich met gespreide vleugels weer zakken. Alsof hij aan een parachuutje hangt.





Nog een keer de Roodborsttapuit, nu de man. Grappig effect wel, zo'n foto tegen een lege, witte lucht.





Tuurlijk, de Vink is er ook. Hij zingt hier tegen een ander zingend mannetje op, enkele tientallen meters verder. Ik blijf er een poosje geamuseerd naar luisteren.





Die moest ik opzoeken: de Bastaardzandloopkever. Zitten ze stil dan vallen ze totaal niet op; bewegen ze dan is dat gelijk met een enorme snelheid.

maandag 21 april 2025

Even iets moois nr. 580 - van duinen en bollenvelden

Vorige week had ik te weinig foto's voor een blog; deze week teveel. We worstelen ons er maar doorheen. Het wordt in ieder geval een kleurige reis.





Zoals u weet (?) werk ik in de kop van Noord-Holland. Dankzij mijn pensioen slechts twee dagen, maar toch. Ik volg zodoende wekelijks de stand van de bollenvelden. Dat ging heel hard de laatste week.





Een rijk geurend veld met Hyacinten, in de buurt van Egmond.





Ergens tussen Schagen en Anna Paulowna treffen we dit geschakeerde kleurenpalet.





Er zijn dit jaar veel pinksterbloemen en dientengevolge ook veel Oranjetipjes.





Vanuit eigen tuin zie ik een niet zo bijzonder tafereel: twee knuffelende Houtduiven. Hoewel, bij nader inzien: de rechter duif (het vrouwtje) mist een oog! We nemen wel eens de natuur als voorbeeld bij allerlei wreedheden, maar dat een duif met één oog een menswaardig bestaan kan opbouwen is voor mij toch nieuw. En bemoedigend.





Bij Burgervlotbrug ligt het natuurgebiedje Wildrijk. Dat is dezer dagen bedekt met een tapijt van wilde Hyacinten. Een heel bijzonder gezicht waarvoor fotografen zomaar afreizen naar een soortgelijk bos onder Brussel. Dus vertel maar niet verder dat ze ook in eigen land prima aan hun plaatjes kunnen komen; het is er nu nog lekker rustig.





De blauwe Hyacint is weliswaar in de meerderheid, maar daardoor springt de roze variant er temeer uit.





Tulpen zijn soms zo fel gekleurd dat bijna een zonnebril nodig is.





Vanuit de lucht krijg je weer een heel andere kijk op de bollenvelden en valt vooral de structuur op. Dit is bij Schermerhorn. Op YouTube zal ik een filmpje plaatsen van meer drone-opnames. Zoek naar het kanaal 'Stam vliegt.'





Afgelopen vrijdag maakte ik een zeer lange wandeling door de Amsterdamse Waterleidingduinen. Ik ging op zoek naar braamsluiper, gekraagde roodstaart, beflijster en nachtegaal, maar had ook oog voor de wat gewonere soorten. Zoals deze Grote Bonte Specht.





Of nóg gewoner: de Koolmees.





De AWD bieden een afwisselend landschap van kanalen, duinen, vlaktes en bos. Die variëteit staat garant voor een groot aantal vogelsoorten. Toen ik deze foto maakte meanderde het ver dragende geluid van een zingende, onzichtbare Grote Lijster door het gebied. Prachtig!





Op een uitstekende tak van een dode boom zingt een Boomleeuwerik zijn melancholieke wijsje.





Wacht even! Een Nachtegaal, en zelfs zichtbaar! Om ze te horen hoef je niet veel moeite te doen. In onze duingebieden (maar ook wel langs de grote rivieren of andere waterrijke streken met veel struikgewas) is zijn zang vanaf ongeveer nu goed aanwezig. Ze zingen zeer luid en ze gaan gerust tot in de nacht door. Zien is lastiger. Ze houden zich bij voorkeur op in dicht struikgewas en houden niet van bekijks. Dat ik een filmpje kon maken van een zingende zichtbare Nachtegaal is daarom best uitzonderlijk (zie YouTube; 'Stam vliegt'.)





Sinds een paar weken gearriveerd vanuit zuidelijker streken: de Fitis. Ziet er vrijwel hetzelfde uit als de Tjiftjaf, maar gelukkig door zijn zang goed te onderscheiden.





De vlinders zijn er ook weer sinds een paar weken. Waar dit vorig jaar nogal traag en stroef op gang kwam, daar barstte het dit voorjaar spontaan en overvloedig los. Dit is de Kleine Vuurvlinder, een algemene soort maar wel heel klein.



maandag 22 juli 2024

Even iets moois nr. 550 - Amsterdamse Waterleidingduinen

Ik had wat gebrek aan inspiratie, dus besloot ik afgelopen hete vrijdag een beetje op tijd naar de AWD te gaan en dan maar te zien wat dat me bracht. Ik hoopte in ieder geval op gekraagde roodstaart en duinparelmoervlinder. Die vond ik niet...





Omdat ik die al zo vaak zag wilde ik niet teveel tijd besteden aan de Damherten. Maar als zo'n stoere knaap dan bijna smeekt op de foto te mogen, tja, dan strijk ik met de hand over het hart...





Kijk nou, wat een dreumes. Een juveniele Roodborst scharrelt op eigen houtje door het struweel. De oranje kleur komt al een beetje door.




Mooi, de Kleine Parelmoervlinder. Jammer dat hij niet op een bloem of stengel wilde gaan zitten, dan hadden we zijn parelmoervlekken kunnen zien; die zitten op zijn onderkant.





Apart vlindertje, desondanks zeer algemeen: de Zuringspanner. Het is een dagactieve nachtvlinder uit de familie van de (u raadt het al) spanners.





Lastig te fotograferen, want nogal klein: de Kleine Vuurvlinder. Mooi in zijn fel oranje bovenkant.





Een Blinde Bij. Dat is geen bij, maar een op een bij lijkende zweefvlieg. Kom ik ook pas vanavond achter...





Had ik eigenlijk niet moeten doen. Dit is een Boomleeuwerik met een snavel vol voer voor de kinderen. Onrustig wacht hij tot ik vertrokken ben, want vogels verraden niet graag waar hun jongen verstopt zitten. Dus ik had gewoon gelijk door moeten lopen...





Een van de meer opvallende soorten: de Vuurlibel. Het kostte me heel veel tijd om deze foto te maken, want ze waren nogal vliegerig.





Altijd verdraaid lastig te benaderen, de Roodborsttapuit. Dat deze even wilde poseren verraste me dan ook wel. Een van de vogelsoorten waarmee het goed gaat.





En dit is een van zijn kinderen. Uitgevlogen, maar nog geheel afhankelijk van de ouders.





Tot slot nog een Kleine Zilverreiger. Had ik daar niet zomaar verwacht, maar omdat het duingebied deels onder water stond na de regenval van afgelopen weken, was het kennelijk toch een aantrekkelijk plekje geworden.



zondag 3 september 2023

Even iets moois nr. 523 - van alles wat...

Van alles wat. Afgelopen weken zaten we in de kop van Overijssel, was ik op zoek naar reeën en pobeerde ik ook nog wat mee te pakken van de paarse heide. En zo kom ik op onderstaande collectie.





De Bloedrode Heidelibel, man. We liepen een klompenpad door De Wieden, met matig succes de muggen van ons afslaand. Telkens vloog voor ons een Bloedrode Heidelibel op, maar het duurde even voor er eentje was die zich liet besluipen.





De Wieden, land van riet, water en hoge luchten.





Dat je daar een Moerassprinkhaan ontmoet wekt dan ook geen enkele verbazing.




Gebeurt me niet elke keer: een Torenvalk die zich even uitgebreid laat bewonderen. Ik maak dankbaar gebruik van de gelegenheid en zeg zachtjes 'dankjewel.'





Nou, en als dan een paar kilometer verder nóg een Torenvalk even blijft wachten tot ik mijn plaatjes gemaakt heb, dan zeg ik graag nóg een keer: 'dankjewel.' Een beetje wellevendheid wordt altijd gewaardeerd, zeker door een Torenvalk.





Heide dus. Die begon al aardig te verpieteren en het echte paars was er al wel een beetje af. Komt ook doordat het wolkendek geen zonnestraaltje doorliet. In ieder geval hier een wel zeer klassieke compositie, met een mooie 'invoerende lijn.'





Een wat nurks kijkende Schotse Hooglander geeft wat vulling aan het heidelandschap.





Eh, juist. Op de grond scharrelen wat vogeltjes die ik niet zo gauw herken, hoewel ik wel een vermoeden heb. Het blijken Boomleeuweriken, die zich in kleine groepjes verzamelen voordat de reis naar het zuiden begint.





Op de Westerheide bij Hilversum leven best aardig wat Reeën. Heel schuw zijn ze niet omdat ze het gebied delen met fietsers, joggers en fotograferend gespuis zoals ik. Even een schattende blik en dan eet ze weer rustig door.





De vogeltrek begint aarzelend (nou ja...) op gang te komen. Gierzwaluw, grutto en tureluur zijn al weken vertrokken en we zien nu de Tapuiten langskomen op hun tocht van noord naar zuid. In ons land is hun biotoop (zandige, stenige vlaktes) nauwelijks voorhanden, dus een Tapuit zie je vrijwel uitsluitend tijdens de trek. Gek genoeg meer vrouwtjes dan mannetjes.

maandag 24 mei 2021

Even iets moois nr. 435 - Utrechtse Heuvelrug

Afgelopen vrijdag besloot ik het maar een beetje simpel te houden. Aan de hand van juichende teksten van het Utrechts Landschap koerste ik naar landgoed Den Treek, en 's middags naar plantage Willem III. Benieuwd wat ik tegen zou komen.





Den Treek bestaat uit diverse soorten landschappen en trekt zodoende enorm veel vogels. Een vogel van zandige gronden met verspreide dennen is de Boomleeuwerik. Zelfs vanaf de grond liet hij zijn melancholieke zang horen, een wijsje dat soepel naar beneden moduleert.





Den Treek. Benieuwd hoe dat eruit ziet wanneer de heide bloeit.





De Roodborsttapuit, onder vogelaars vaak afgekort tot robotap, is een liefhebber van schaars begroeide landschappen, met liefst wat heide, dennen en meidoorn. Karakteristiek is de gewoonte om altijd op een topje te gaan zitten. Hier het vrouwtje.





En hier het mannetje. Zo zie je ze vaak. Toch kijk je ze niet zomaar over het hoofd. Het zijn energieke, beweeglijke vogeltjes, met een makkelijk herkenbaar roepje: wiet trak-trak wiet.





Maar dichterbij dan 20 meter kom je niet. Jammer, want ze zijn schitterend. Het gaat trouwens goed met ze, er komen er steeds meer en een aantal overwintert hier zelfs.





Plantage Willem III is een natuurgebied en inderdaad gelegen op het terrein van een voormalige tabaksplantage. Her en der zijn de tabaksschuren gerestaureerd en weer te zien. Een kudde Damherten had ik niet verwacht, maar kennelijk zijn ze hierheen gehaald om het terrein open te houden.





En zelfs hier laat zich de Witte Kwikstaart bekijken.