Meestal een paar keer per jaar zak ik af naar het zuidwesten van ons land. Het is er altijd prettig fotograferen en dat ik elke keer ongeveer hetzelfde zie deert me niet zo. Want het is ook elke keer weer anders. Zo ook deze maal.
's Winters overwintert al jaren een flinke groep Flamingo's in de Grevelingen. Het brakke water bevriest niet, dus ook bij strenge vorst is er genoeg proviand.
Het is een gemengde groep waarvan de grote bleke de Europese Flamingo is; de kleine, feller gekleurde is de Chileense Flamingo. Als ik dit groepje goed bekijk kruist dat met elkaar.
Onverwacht duikt er een Roodborsttapuit op en die gaat uitgebreid staan poseren op luttele meters afstand. Een buitenkans, want ik ken ze niet anders dan licht cameraschuw. Net als andere soorten schat hij het risico van hier blijven kleiner in dan die 2.000 km naar het zuiden te vliegen. Want het is in principe een zomerse broedvogel. Mooi!
Een nurks kijkende Kleine Zilverreiger in een stoppelveld. Groter dan de koereiger, maar aanzienlijk kleiner dan de grote zilverreiger. Kenmerkend zijn zijn gele sokken. Hoofdzakelijk wintergast.
Erg gewoon natuurlijk, deze Blauwe Reiger. Maar door de entourage en de details van zijn verenpak vond ik het de foto waard.
De Steenloper. Eveneens een wintergast. In groten getale te vinden langs onze kusten. Altijd vriendelijk voor de fotograaf.
Nog een vriend van elke fotograaf: de Paarse Strandloper. Foerageert rustig en wil vaak heel dichtbij komen. Broeden doet hij in arctische delen van ons continent.
In een aantrekkelijke winteroutfit: de Kokmeeuw. Het duurt nog even eer hij zijn chocoladebruine kop krijgt.
Mevrouw Middelste Zaagbek, ook al een wintergast. Vertrekt straks naar Scandinaviƫ of Siberiƫ om daar nageslacht voort te brengen. Nu hier, soms in behoorlijke groepen.
Meneer Middelste Zaagbek poetst zijn verenpak. Erg vermakelijk vind ik altijd die jolige kuif.
Geen opmerkingen:
Een reactie posten