Posts tonen met het label matkop. Alle posts tonen
Posts tonen met het label matkop. Alle posts tonen

zondag 18 januari 2026

Even iets moois nr. 606 - Dagje fotohut: de mezen


De eerste blog van dit jaar. Afgelopen vrijdag zat ik met Gerard in een vogelhut op de Veluwe en daar kreeg ik een lawine aan vogels voor de lens. Vooral de gebruikelijke soorten maar bijzonder leuk om weer eens mee te maken. Ik kwam thuis met volle kaartjes en lege batterijen en zo hoort het natuurlijk ook. Ik knip het maar in tweeën; we beginnen met de mezen.





Deze komt nog uit het dorp: een Staartmees. Niet een gewone, maar een Witkoppige. De tweede keer in mijn nog prille leven dat ik er eentje zie. Zomaar tussen de gewone staartmezen.





Pimpelmees. Levendige, vrolijke beestjes, mooi van kleur ook. Ik blijf er toch steeds de telelens op richten.





Er lag nog een dun laagje ijs op het water, sterk genoeg om een meesje te kunnen dragen.





Fraai toch, die blauwe staart.





Koolmezen, die waren er ook.





Er waren er veel, dus het wordt dan de kunst om een net iets leuker plaatje te maken, zoals van twee tegelijk...





... of eentje die zijn spiegelbeeld wel interessant vindt.





En dan komen we bij mijn favoriet: de Zwarte Mees. Minder kleurrijk dan pimpel of kool, maar ik vind ze meer dan schattig.





De rug is blauwgrijs, de borst vuil wit. Razendsnel zijn ze en het duurde tot diep in de ochtend voor ik er een ordentelijke foto van kreeg.





Het zijn echte bosvogeltjes die je niet gauw bij de pinda's in je tuin zult zien.





En dan komen we nu bij de probleemgevallen: dit is een Glanskop, maar die is in vrijwel niets te onderscheiden van de matkop.





Op geluid wisten we dat beide soorten rond de hut zaten. De verschillen moet je zoeken in de dikkere nek van de matkop en zijn grotere keelvlek. Maar dat laatste is ook weleens precies andersom. Kom er maar uit...





Mogelijk is dit dan een Matkop.





En dit is dan weer een Glanskop. De Glanskop is een echte bosbewoner, de matkop houdt meer van iets opener landschap. Waar de hut staat lopen beide landschapstypen in elkaar over.


Qua mezen kwam nog heel even een kuifmees voor de hut, maar toen was ik net mijn accu aan het verwisselen. Jammer.

zondag 6 augustus 2023

Even iets moois nr. 521 - Rondje Oostvaardersplassen

Rondje Oostvaardersplassen. Doe ik meestal een of twee keer per jaar. Even alle schermen en kijkhutten van binnen bekijken en zien wat er onderweg voor de lens wil komen. Best nog aardig wat.





Twee Visdieven. Ik weet niet of het in de naam zit, maar die rechter zou graag dat visje hebben waar de linker mee komt aanvliegen om dat rustig te consumeren. Er ontstaat een gevecht waarbij ze allebei aan het visje trekken, maar de foto's daarvan zijn net niet scherp genoeg voor de kritische lezertjes. Ik laat het dus maar bij de proloog van de ruzie.





Spreeuw natuurlijk. Deze is aan het ruien van zijn bruine kinderkleren naar een zwart gespikkeld volwassen kleed. Mooi  gezicht vind ik dat altijd.





In de hut aan de Lepelaarplas is het altijd druk. Komt omdat er daar een gerede kans is een Zeearend te spotten of een ijsvogel. Zeearenden zag ik, wel drie, en deze volwassen vogel kwam op redelijke afstand van de hut even een rondje maken. Imposant!





IJsvogels waren er ook, twee. Deze kwam heel kort even op fotografeerbare afstand op een dode boom zitten vissen. Snavel niet helemaal zwart, dus een vrouwtje.





Vissen, dat deed deze Aalscholver ook. Met redelijk succes. Hier een flinke jongen, met nog wat groente als bijvangst.





Een groepje Huismus neemt een zandbadje; goed tegen het ongedierte.





Op het IJsselmeer vaart de Elizabeth voorbij, een (naar ik meen) schoenergetuigd zeilschip. Plaatje!





De Matkop (hier) is vrijwel niet te onderscheiden van de glanskop, tot hij zijn roep laat horen. Dan is zijn waarschuwende dzzzz dzzzz niet te verwarren met het vrolijke tjoewiet tjoewiet van de glanskop. Vogels kijken doe je met je oren, zeg ik altijd maar. Te beluisteren en te zien aan het pad vanaf het Bezoekerscentrum.





Ineens hoor ik een Grauwe Vliegenvanger; nee, wel twee of drie. Het blijkt een gezinnetje waarvan minstens één jong nog wordt gevoerd. Heel erg onopvallend van zowel geluid als verschijning en het duurt dan - ondanks zijn tiep tiep - ook wel even voor ik hem voor de lens krijg. Maar dan laten ze zich uitgebreid bewonderen.


zondag 22 juli 2018

Even iets moois nr. 327 - Veluwe I

Afgelopen vrijdag voor zonsopkomst het veld in. Doel was de slapende bandheidelibel te betrappen, met dauw op de vleugels en in een aantrekkelijke biotoop. Dat lukte niet: de biotoop was geheel verdwenen, plat gemaaid. We maakten er maar het beste van...





Dit had de Veluwe kunnen zijn, maar is nog een vakantiefoto uit Denemarken. Ik ken de Geelgors niet anders dan zingend vanaf het hoogste punt en kon eerst niet vinden waar zijn gezang vandaan kwam. Wel, zoals u ziet, vanaf de grond!





Op de terugreis vanuit Denemarken deden we nog een paar dagen noordoost Groningen. Bij Nieuwe Statenzijl troffen we een familie Zwarte Roodstaart, druk bezig eten te zoeken voor de jongen. Doordat de vogel in de schaduw zit en de achtergrond (het sluisgebouw) blakert in de zon zien we alleen het silhouet. Door de kleurige elementen aan het gebouw toch een bijzonder plaatje.





Maar goed; richting Veluwe! In een randje met riet vinden we dit Lantaarntje. Nog aan het ontwaken en helemaal bedauwd, als het ware bezet met duizenden diamantjes...





Eveneens in het riet en ook nog niet opgewarmd zien we dit Icarusblauwtje. Met mijn hoofd maak ik schaduw op de vlinder, terwijl de eerste zonnestralen het riet in een warme gloed zetten. Mooi effect.





Vorig jaar verklapte iemand mij de vaste stek van een Steenuil. Omdat ik er toch langs kom pak ik die maar even mee. De Steenuil vliegt overdag en dat kun je herkennen aan de kleur van zijn ogen: niet oranje.





Op diverse plekken binnen het park De Hoge Veluwe zijn er vogelkijkhutten. De vogels komen er ongeveer op armlengte (als je lange armen hebt...) en zijn die er even niet, dan is het aardig de heen en weer hollende muizen te volgen in hun capriolen. Hier een juveniele Koolmees in een nog bleek verenpak.





Nóg een jonkie: de Pimpelmees, eveneens in een nog pluizig verenkleed.





Leuk: ook de Grauwe Vliegenvanger komt even een kijkje nemen bij de waterbak. Na lang aarzelen neemt hij zelfs snel even een badje!





Lastig: is dit nou een Glanskop of een Matkop? Ik meende uit de zang te moeten opmaken dat het om een Matkop gaat, maar als ik nu de foto goed bekijk twijfel ik steeds meer. Leuk vogeltje, dat wel.





Dat zult u met me eens zijn: op een Kruisbek wil je best een uurtje of twee wachten, zelfs op een harde houten bank. Zijn snavel is een stuk gereedschap dat is gespecialiseerd in het uitpeuteren van zaden uit dennenkegels. Een gewone maar toch bijzondere Nederlandse vogel, waarvan vooral de kleur van het mannetje (deze dus) het oog pleziert.