woensdag 11 oktober 2017

Even iets moois nr. 294 - Herfst 3

Nog wat herfstige plaatjes.





Een Eekhoorn heeft een nootje gekaapt uit het bergje dat we voor hem hebben neergelegd. Soms eet hij er eentje zelf op, de rest begraaft hij voor de koude dagen.





Een Inktzwam, op het punt geheel te vervloeien tot drabbige, zwarte inkt.





Vlak naast de caravan zingt de Roodborst. Ik loop er een beetje omheen, zoekend naar de mooiste en kleurrijkste achtergrond. Hij kijkt me niet begrijpend aan...





Zoals meestal op boscampings zijn er Eekhoorns en die worden enthousiast gevoerd en zijn daarom niet schuw. Met een beetje geduld heb je een mooi plaatje voor het uitzoeken.





Op de grens tussen heide en beukenbos treffen we de niet zeldzame Homo Sapiens aan, ondersoort bicyclettus. Onze aanwezigheid wordt genegeerd, dus we kunnen op ons gemak uitkiezen hoe we hem op de plaat vereeuwigen.





Een groepje Porseleinzwammen. Ik probeer er iets artistiekerigs van te maken, maar vraag me af of dat eigenlijk wel gelukt is.





Bij mijn weten nooit eerder gezien: de Fluweelboleet. Hij ziet er eigenlijk een beetje streng uit met die grijze hoed. 


Even iets moois nr. 293 - Herfst 2 (Hoge Veluwe)

Ik breng een halve dag door in het park De Hoge Veluwe, in de hoop op mooie paddenstoelen en misschien nog iets van de bronst van de edelherten...





Eerst maar even naar de vogelkijkhut, bij de ingang Otterlo. Maar langs het pad daarheen tref ik een aantal exemplaren van de Valse Kopergroenzwam. Daar kan ik niet zomaar aan voorbij lopen natuurlijk.





Vanuit de hut zie je de vogels heel dichtbij. Hij is qua licht ook niet heel makkelijk. Hier een Glanskop in het zonnetje, terwijl de achtergrond in de schaduw ligt.





Zo, die heb ik in geen jaren gezien, laat staan dat ik er een foto van heb. Het is de Zwarte Mees, die in de verte wat lijkt op de koolmees (maar bij nadere beschouwing toch echt heel anders is.) Leuk, snel en schuw vogeltje, dat ook nog eens telkens wordt weggejaagd door andere mezen.





Ineens zie ik een stronk die vol staat met Haarmosjes. Het is zo'n rommelig landschapje dat ik op goed geluk maar wat klik, want ik vind ze altijd erg prachtig.





Fraai, zo'n Koraalzwammetje. Als vuurtongetjes reiken ze omhoog, maar je ontdekt ze niet heel makkelijk. Ze zijn op z'n hoogst enkele centimeters groot.





Een aardige familiefoto, maar wie staan er eigenlijk op?





Leuke, kleine paddenstoeltjes. Ze doen me denken aan de Rode Zwavelkop, maar lijken toch ook net weer anders.





Nee, de Edelhertenbronst is voorbij. In laag tegenlicht staat een groepje vrouwtjes rustig te grazen, met af en toe een alerte blik naar die fotograaf.





De schemer is al gevallen wanneer een drietal Raven langs vliegt. Aan hun schorre 'wrok-wrok' zou je niet direct zeggen dat het een zangvogel is, en wel de grootste die we kennen.

Even iets moois nr. 292 - Herfst 1

De afgelopen tijd maakte ik aardig wat foto's in en rond de bossen, waar de herfstsfeer al goed was te voelen, te ruiken en te zien.





Een weekendje op de camping (in dit geval de Harskamperdennen) levert aardige ontmoetingen op met de Eekhoorns. Deze zit op een stronk. Direct zonlicht valt op zijn lijf, terwijl het achterliggende bos donker is. Een bijzonder gezicht.




 

Op strategische plekken leggen we een bergje pelpinda's neer. Ze krijgen het er erg druk mee. Telkens komen ze er eentje halen en die begraven ze dan op een willekeurig plekje in het bos. Of ze die ooit gaan terugvinden?





Rond Lage Vuursche wemelt het van de paddenstoelen. Hier een Vliegenzwam, of misschien maar een halve. Zie ik een mooie paddenstoel dan maak ik niet gelijk een foto, maar loop er eerst maar eens omheen, kijk naar de achtergrond, zoek naar een compositie. Zo'n foto maken kost me dan ook al gauw een kwartier tot een half uur.





Ik vermoed dat we hier het Stobbezwammetje zien. Het determineren van paddenstoelen is werkelijk akelig moeilijk en ik heb al heel wat tijd door de paddenstoelengids zitten bladeren.





Niet dat alles zo moeilijk is. We zien hier het Gewoon Eekhoorntjesbrood, een 'uitstekende consumptiepaddenstoel' zegt het dikke boek. Ik vind 'm vooral fotogeniek en laat hem graag staan.





Maar deze? Geen enkel idee. Hij stond daar zomaar in zijn eentje en ik vind het een bijzonder gezicht.




Op de stam van een boom tref ik een groepje Schubbige Bundelzwammen (denk ik) aan. Een fraai gezicht.





Dit lijkt me de Echte Vuurzwam; werd vroeger ook wel als brandstof gebruikt.





Daar word ik altijd weer een beetje blij van: de Parelstuifzwam. Door zijn witte kleur valt hij onmiddellijk op tussen de herfstkleuren.





Ik zie een rare prop in het bos, maar dichterbij gekomen zie ik het: de Rechte Koraalzwam.


zaterdag 16 september 2017

Even iets moois nr. 291 - De Passiflorahoeve

Er wordt een hele vrijdag regen voorspeld. Fluks naar Harskamp, waar de Passiflorahoeve garant staat voor urenlang vermaak met de macrolens. Naast veel bloemen hebben ze daar ook diverse vlindertuinen, waaronder eentje met gewoon inheemse soorten.






Zie ik iets moois, dan sla ik dat even op en ga dan op zoek of dat moois nog mooier wordt door een passende achtergrond en aansprekende compositie. Hier is dat goed gelukt.





Als iemand me daarop wijst duurt het toch nog even voor ik besef dat ik naar een rups sta te kijken. Het is zo ongeveer het meest merkwaardige beest dat ik ooit zag. Ik denk dat na het verpoppen hier de doodbladvlinder uit komt.





Alweer zo'n schoonheid. Omdat de kassen deels uit fijn gaas bestaan regent het binnen heel fijntjes als het buiten giet. Deze vlinder heeft zodoende kleine druppeltjes op zijn kop en poten.





Nog een rups. Het merkwaardige patroon met 'ogen' moet hem vrijwaren van allerlei gedierte dat rupsen op het menu heeft.





Een aantal afleveringen terug liet ik de Schorpioenvlieg zien. Ik vroeg me toen niet af wat hij, met zijn vervaarlijke boorsnuit, graag eet. De vraag is echter bij deze beantwoord...





Wie kent hem niet: de Glasvleugelvlinder. Een grotendeels transparant beestje, dat ijl rondfladdert door de kas.





Dit is dan zo'n foto waarbij het jammer is dat er een andere kleur dan groen in zit.





In vlindertuinen is dit wel een van mijn favorieten. Met een beetje overbelichten blijft de vlinder donker genoeg, terwijl het omringende groen heel licht van toon wordt. Geeft een fraai effect. Die roze en rode vlekken in de achtergrond? Soms komen mensen die langslopen in kleurige regenjassen best van pas om wat extra kleur te geven aan een foto...





Zonder dat ik daar veel aan doe is het toch mijn wens een keer de Koninginnenpage mooi op de foto te krijgen. Dat kan bijv. door voor zonsopkomst naar de St. Pietersberg te gaan en je daar een ongeluk te zoeken op en aan de waardplanten van deze vlinder. Maar dit kan ook. De fijne regendruppels die in de kas vallen geven het idee dat je werkelijk 'in het wild' aan het fotograferen bent. Vanwege de weinige zon en de regen zijn de vlinders niet vliegerig en kun je in alle rust je plaatje maken.





Nóg eentje die schuilt voor de regen, lekker onder een breed blad.

Even iets moois nr. 290 - Dagje strand

Gisteren een dagje wezen vogelen in IJmuiden. Ik ben niet verder gekomen dan het stukje strand bij de zuidpier en heel even op de pier zelf. Urenlang schoof ik, camera op statief-op-laagste-stand voor me uit duwend, op mijn knieën over het natte zand, op zoek naar het mooiste plaatje. Als ik nu de foto's bekijk denk ik: GELUKT!





Ik begin maar gelijk met wat ik zelf misschien wel de mooiste vind uit de hele serie: een Drieteenstrandloper die zijn best doet iets eetbaars te peuren uit een verdronken mot. De spiegeling in het laagje water voegt dan toch weer wat extra's toe.





Voorover gebogen draai ik met de camera mee met de drieteenstrandlopers als de telelens plots iets heel anders vangt. Zonder dat ik het merkte is vlak voor me een juveniele Visdief geland. Enigszins wantrouwend kijkt hij naar me, maar voor hij weg vliegt heb ik al mijn plaatje.





Soms moet je maar gewoon geluk hebben. Terwijl ik me concentreer op de voorbij lopende Bonte Strandloper, wordt-ie ingehaald door een drieteen, terwijl achter hem een rosse grutto staat te pitten; uiteraard met de ogen open. Er zou eens een slechtvalk...





Ja, die Rosse Grutto... Het zijn broedvogels van noordelijke taiga's en toendra's, maar in het najaar trekken ze langs onder andere onze kust naar het zuiden. Of ze blijven hier gewoon hangen. Ze lijken natuurlijk veel op onze eigen poldergrutto, maar kenmerkend is de opwippende snavel van Rosse.





Dichterbij mag ik niet komen, bij deze juveniele Bontbekplevier. Fotogenieke beestjes, pleviertjes. In de lijst onderaan de blog kunt u op dezelfde naam klikken, dan ziet u een volwassen exemplaar.





Ineens zie ik het plaatje voor me: twee slapende rosse grutto's, met daarachter de skyline van Zandvoort. Pal tegen de zon, dus alles vervaagt. Nou, zoiets dus.





Zou je helemaal niets gezien hebben, dan bieden de altijd meewerkende Steenlopers nog de mogelijkheid je fotodag te redden. Door de camera op het beton te leggen lijkt het net of de foto op het strand is gemaakt, maar het is toch echt het wegdek van de zuidpier. De Steenloper doet zich hier tegoed aan de restanten van wat mosselen.





Hé, kijk nou! Een Roodkeelduiker (hier in grijs winterkleed, dus zonder rode keel) is vanuit noordelijke contreien afgedaald naar onze gematigde kust. Meestal zitten ze wat verder op zee, dus het is een verrassing dat deze zich zo dicht onder de pier ophoudt. Mooie, krachtige vogels, zeg ongeveer twee maal een fuut. Met die snavel kraakt hij makkelijk krabben en kreeften.





O, die had ik hier niet zozeer verwacht. Een juveniele Tureluur scharrelt rond op het talud van de zuidpier. Eigenlijk best een goeie schutkleur van deze polderjongen.





Met een man of wat staan we te mikken op een sneeuwgors, wanneer iemand komt vertellen dat er op het strand een Grote Jager zit. Een Grote Jager? Die sneeuwgors komt misschien nog wel, maar die jager willen we zien. Vanuit de verte ontwaren we al de donkere vlek, en dichterbij gekomen blijkt het inderdaad een adulte Grote Jager in een slordig verenpak.
Jagers zijn niet sympathiek. Ze zoeken een meeuw, stern of jan van gent uit die net wat heeft gevangen, en dan jagen ze die zo agressief na dat ze hun vangst weer uitbraken; de jager vangt dat dan in de lucht al op. Kleptoparasitisme heet dat en dat vind ik dan wel weer een erg mooi woord.
Het is behoorlijk bijzonder deze vogel staande op het strand te kunnen vastleggen. 'Ik moet mijn best doen om niet te gaan staan huilen' zegt een van de andere fotografen. Ik bedoel maar: vogelfotografie is pure emotie!





Dan toch nog even terug naar de Sneeuwgors. Al met al heeft het me zeker anderhalf uur gekost om uiteindelijk het beestje er een beetje netjes op te krijgen. Sneeuwgorzen vinden we 's winters langs onze kust, meestal in groepen. Deze eenling is waarschijnlijk de voorhoede van wat nog komt. Best vroeg eigenlijk, half september.

zaterdag 12 augustus 2017

Even iets moois nr. 289 - Vroeg in het veld

Op tijd uit de veren op de vogelvrije vrijdag. Doel is om zo mogelijk wat slapende vlinders vast te leggen en misschien libellen met nog de dauw op hun vleugels. Zodoende rijden we naar een kletsnat juweel van een natuurterrein, ergens tussen Barneveld en Leusden. We zijn niet heel vroeg, maar gelukkig zit de zon nog achter de wolken. Het moet wel een geslaagde dag worden, want al bij het parkeren van de auto zien we een ijsvogel die een paar vrolijke rondjes vliegt.





Ja, dit is wel zo ongeveer de bedoeling. Een Zwarte Heidelibel zit te wachten tot de zon hem heeft opgewarmd zodat hij op jacht kan. Is zijn lijf een beetje opgewarmd, dat schudt hij de dauwdruppels wel van zijn vleugels af.
Grappig dat de kop van een libel niet dicht is, maar slechts lijkt te bestaan uit een holte met een scharnier waar omheen de ogen draaien.





Ook de slapende vlinders treffen we aan. Nog te koud om te vliegen zijn ze een makkelijke prooi voor de macrolens. Dit is trouwens een Icarusblauwtje, een zeer algemeen voorkomende soort.





Soms ben ik ontzet van mijn eigen foto's. Dat is o.a. bij deze het geval. We zien hier een Bandheidelibel, een zeldzaamheid in het Nederlandse luchtruim. Nog even en zij zal genoeg zon hebben gevangen om haar dag te beginnen. Ik word stil als ik naar deze foto kijk...





Het is een fantastisch gezicht: vlinders die nog niet weg kunnen in een landschap van sprieten waarvan de dauwdruppels lijken te schitteren als verre diamanten.





Van de Bandheidelibel is dit het mannetje. Deze is opgewarmd en al volop actief.





U mag me best vragen naar de naam van dit heerschap, maar het antwoord moet ik u schuldig blijven... (Aanvulling GR: betreft hier de Strontvlieg.)





Dit is de Tijger- of Wespenspin. Een prachtig beest waarop ik moeilijk uitgekeken raak. Toevallig ging het van de week op de radio over deze meneer: door de klimaatveranderingen wordt hij steeds noordelijker aangetroffen, inmiddels tot in Den Helder toe. Hoe het ook zij, ik zag er zat.





Kijk nou, een Lantaarntje. Leuk, teer insect.





Het is nog maar augustus, maar toch zien we al zat paddenstoelen. Ik neem niet de tijd om deze op naam te brengen; leuk is-ie wel.





Fraai! Ik denk dat we hier kijken naar de Watersnuffel, maar het is niet simpel om juffers op naam te brengen. Alles hangt af van het aantal, de tekening en de kleur van de segmenten van het lijf. (Aanvulling GR: waarschijnlijk is dit de Azuurwaterjuffer...)





Komische beesten, die sprinkhanen. Ben je in de gelegenheid ze een poosje van dichtbij te bestuderen, dan kost het geen moeite ze allerlei menselijk eigenschappen toe te dichten. In ieder geval: mooi hè?