Posts tonen met het label waterral. Alle posts tonen
Posts tonen met het label waterral. Alle posts tonen

maandag 9 februari 2026

Even iets moois nr.609 - Oostvaardersplassen vooral

Voor de tweede achtereenvolgende vrijdag begaf ik mij naar de Oostvaardersplassen met geen bijzondere reden. Ik had gewoon geen zin om verderweg te rijden.








Maar goed, omdat ik er toch langs kwam vanuit mijn werk ging ik even op bezoek bij de Pestvogel in Alkmaar. Die liet zich uitgebreid bewonderen.





In het noorden van Noord-Holland kwam de temperatuur niet boven de -2. Bij de haven Oude Zeug leverde dat een prachtig wintertafereel op.






Een zeer algemene vogel, door zijn gekrijs makkelijk te horen, is de Waterral. Dat hij zich buiten de dekking van het riet begeeft is echter wel uitzonderlijk. Zelden te zien, eigenlijk.





Een Buizerd zeilt langs.





In de Eempolder zit rustig een Buizerd.





Een Grote Zilverreiger op jacht.





Mevrouw Torenvalk mijmert wat voor zich uit, eveneens in de Eempolder.





Een Winterkoning op zoek naar een slokje water.





Bijzonder. Een Roodborst komt naar me toe en gaat me op 2, 3 meter aan zitten kijken.





Ik loop het pad naar de hut Schollevaar als mij het gevoel bekruipt dat ik word bespied. Aan de overkant van de sloot neemt een Heckrund mij argwanend op.





Mooi altijd, een Watersnip. Langzaam waadt hij door het ondiepe water, onderwijl met zijn lange snavel voedsel uit de bodem peurend.





Mistig plaatje van wat rommelige bomen aan een bevroren meer.





Twee Kuifeenden. De linker lijkt me een eerstejaars, de rechter een vrouw in winterkleed.





Nonnetje, drie vrouwtjes. Leuke wintergasten, broedvogel van boreale bossen. Rusteloos en schuw.





Een Grote Zilverreiger maakt zich klaar voor de landing.





Nogmaals het Nonnetje, ditmaal drie mannetjes. Oogstrelend mooi in wit, zwart en grijs. De kleinste soort zaagbek in ons land.

zondag 24 november 2024

Even iets moois nr. 565 - IJsvogel!

Ik maakte een rondje Oostvaardersplassen, zoals meestal een of twee keer per jaar. Ik struin dan even alle hutten langs en kijk wat zich voordoet. Soms best een end lopen; voor hut Schollevaar ben je toch 25 minuten onderweg vanaf de parkeerplaats, in een straf marstempo. Met ook nog het risico dat je niets te zien krijgt. Maar goed, ik heb over die dag niets te klagen.





Ter introductie: het hoofdonderwerp van deze blog.





Ik loop de kleine kilometer naar de Lepelaarhut en als ik daar binnenkom hoor ik op enige afstand een IJsvogel roepen. Fluks de camera uit de tas en die heb ik net in mijn handen als het beestje naar de hut vliegt en pal naast de hut in het riet landt.





En of dat niet mooi genoeg is neemt hij even later plaats op een van de takken naast de hut, daar speciaal geplaatst voor hem.





Het is best druk rond de hut. Deze Grote Zilverreiger foerageert zeer actief en succesvol. Hier gooit hij een gevangen visje op zodat die met de kop naar binnen wijst. Dan is het één keer slikken en op naar de volgende.





In het riet laten zich meerdere Waterrallen horen. En uiteindelijk zien we er eentje langs de rand van de begroeiing scharrelen. Schuw zijn ze niet, maar ze leven gewoon in het dichte riet en daar kijk je niet makkelijk in.





Inmiddels is de IJsvogel verhuisd naar de andere kant van de hut en speurt naar een visje.





Beetje bizar wel. Ik kijk door het kijkgat naar de vogel op ongeveer 3 meter en de vogel kijkt gewoon terug naar mij. Hij is het duidelijk gewend geobserveerd te worden.

Voor een kort filmpje: https://youtu.be/enb74dnF8gY

maandag 13 februari 2017

Even iets moois nr. 273 - Wintergasten

De afgelopen vogelvrije vrijdagen op jacht gegaan naar typische wintervogels. Erg koud gehad zo af en toe, maar de oogst maakte dat meer, veel meer dan goed. Van sommige plaatjes word ik warm, telkens als ik er naar kijk...





Aha, de Koperwiek. In een eerdere aflevering mopperde ik op een gebrek aan medewerking van deze fraaie lijster, maar deze deed even echt zijn best.





Een Waterral. Hij leidt een tamelijk geheimzinnig bestaan in het riet. In het voorjaar kun je van daaruit zijn kenmerkende gekrijs horen. 's Winters, wanneer ook het water tussen het riet is bevroren, verlaat hij zijn biotoop voor korte voedseltochtjes over het ijs. De winter is dan ook hét seizoen voor een aardig plaatje van deze verborgen levende vogel.





Uren speurden we de rietkragen af; twee vonden we er: Roerdompen. Deze liet zich van zeer nabij zien en vastleggen, zomaar langs de berm van een wegje met aardig wat verkeer. Altijd een feest, een ontmoeting met deze mysterieuze gast. En net als de waterral komt hij uit zijn dekking wanneer zijn woonomgeving bevroren is geraakt.





Hier een echte wintergast: de Kramsvogel. Vroeg in de winter hoorde en zag ik grote golven het land binnenkomen, die daarna vrij geruisloos ook weer verdwenen naar hun arctische thuislanden. Er zijn er nog wel, onder andere deze in eigen tuin.





In het land vertoeven momenteel enkele groepen Pestvogels. Meestal bezoeken ze jaarlijks ons land (als het tenminste te koud is in het noorden van Scandinavië en in Siberië) en ik was nu vastbesloten ze van dichtbij vast te leggen. Als extra uitdaging vond ik dat ik met een foto moest thuiskomen van een bes-etende vogel.





Schuw zijn ze niet. Kennelijk zijn ze niet zo gewend aan mensen, dus als je rustig doet zijn ze tot op enkele meters te benaderen. Hun gedrag is prettig voorspelbaar: ze hangen wat rond in een boom en dalen dan plots als groep af naar de bessenstruiken. Met een bakkes vol vliegen ze weer de boom in om het daar op het gemak op te peuzelen. Dat herhaalt zich ongeveer elke 20 minuten.





Bohemian Waxwing heet hij in het Engels. Da's een veel mooiere naam dan Pestvogel. Hij dankt die naam aan het feit dat hij hier alleen 's winters is en kennelijk was dat ook het jaargetij dat vroeger de pest kon uitbreken. Los van de naam: de Pestvogel is van een zeldzame schoonheid.





Als een ouwe nurkse vent zit een Blauwe Reiger in een boom, het ijs aan zijn snavel. Van hem mag het voorjaar worden...