Posts tonen met het label bloedrode heidelibel. Alle posts tonen
Posts tonen met het label bloedrode heidelibel. Alle posts tonen

donderdag 13 augustus 2026

Even iets moois nr. 627 - Hoge Veluwe

In juli was ik twee keer op park Hoge Veluwe. Veel moois kreeg ik daar weer voor de lens, waaronder een echte 'lifer' oftewel een vogel die ik voor het eerst van mijn leven zag. Verder maakte ik - ook op andere plekken - zo verschrikkelijk veel (goeie) foto's dat ik er inmiddels in verdwaald ben geraakt. Dus als u een keer een dubbele aantreft: de tragiek van de overvloed.





Snoepje die dag was toch wel een volwassen man Goudvink. Ik hoor of zie ze elk jaar wel, maar een foto is lastiger. Dus ik was erg blij met de dorst van deze stoere, kleurrijke vink.






De Wespspin zag u eerder in mijn blog. Dat hij ook gewoon moet eten is misschien nieuw. Hier heeft hij een watersnuffel in zijn web gevangen.





Een prachtige soort om tegen te komen: de Viervlek. Makkelijk te zien waarom hij zo heet. 





Hier nog een Watersnuffel, gelukkig in betere omstandigheden dan zijn neef hierboven.





De Bloedrode Heidelibel. Komt best veel voor maar blijft prachtig om te zien.





De Bruine Vuurvlinder. Klein, niet zo algemeen, maar zie je ze, dan zijn er meestel (veel) meer op dat plekje.





Een Grote Rupsendoder. Zenuwachtig beestje met een interessante vorm.





Ah, hier dan de lifer: het is een Slangenarend. Jaarlijks biedt de (Hoge) Veluwe onderdak aan drie tot vijf exemplaren. Alleen in de zomer. Heb je een keer heel veel geluk, dan zie je er eentje met inderdaad een slang in zijn klauwen. Ik kwam deze keer niet verder dan een bewijsplaatje van treurige kwaliteit, maar wie weet, bij een volgende gelegenheid dat we elkaar treffen...



zondag 24 augustus 2025

Even iets moois nr. 591 - De Brand

We stonden er vlakbij met de caravan dus we togen naar het natuurgebied De Brand, bekend om zijn soorten vlinders en natuurlijk de boomkikkertjes. Hoewel het die dag bloedheet was, kwamen we toch van een koude kermis thuis. De braamstruiken van de kikkertjes waren afgeschermd met prikkeldraad! Dit omdat 'liefhebbers' er niet voor terugdeinsden de beestjes beet te pakken en op een fotogeniek plekje te zetten. Dat mag natuurlijk nooit en daarom had ik er ook wel een beetje vrede mee. Een klein beetje. En ik ging zonder foto van een boomkikker weer terug naar de camping. Gelukkig waren er nog diverse andere mooie wezentjes.





Op steeds meer plekken te zien: de Wespspin. Ook wel Tijgerspin genoemd. Afkomstig vanuit zuidelijker landen is hij bezig aan een gestage opmars. Net als de kruisspin behoort hij tot de wielwebspinnen en hangt hij met de kop omlaag in zijn web. Kenmerkend voor zijn behuizing zijn de twee zigzag-matjes vanuit het centrum van het web. Prachtige beesten.





Een van de soorten Schorpioenvliegen, ik denk de Duitse. Algemeen, vrij klein en mede daardoor minder opvallend dan je zou denken.





Ook algemeen: de Schorsvlieg. Leeft van nectar, vooral van laatbloeiende klimop. Zijn larven wonen in koeienvlaaien.





Wilde niet echt poseren: het mannetje van de Bloedrode Heidelibel. Een van de meest voorkomende libellensoorten in ons land. Schitterend om te zien.





Ik weet niet of dat het verschil maakt, maar dit is van de Bloedrode Heidelibel het vrouwtje. Die liet zich graag portretteren en hief af en toe koket het kopje op. Bijzonder fraai ook.


maandag 30 juni 2025

Even iets moois nr. 586 - Vlinders en libellen 1

Afgelopen weekend waren we een paar dagen op pad met een vlinderreisje. Bestemmingen zowel Zuid-Limburg als Eifel en Ardennen. Ik heb daar vlinders (en libellen) gezien die ik nooit eerder zag. En maakte veel foto's, heel veel mooie foto's. Het worden daarom twee afleveringen, want voor eentje is het teveel en u wilt dit zeker niet missen. Gaan we.





De Phegeavlinder. Prachtig beestje; nachtvlinder, maar ook overdag actief. Vliegt op niet al teveel plekken in Nederland, maar wel in de Grote Peel op de grens van Noord-Brabant en Limburg.





Hoe ijl wil je het hebben? Mijn camera had flink moeite het beestje in de autofocus te krijgen. Het is de Koraaljuffer, nog niet volledig uitgekleurd. Die had ik in mijn eentje nooit ontdekt.





De Bloedrode Heidelibel. Heel bijzonder, die libellen, met hun complexe constructie van vleugels en kop. En onwaarschijnlijk mooi.





De Watersnuffel. Een redelijk algemene juffersoort.





Je blijft er gewoon naar kijken, zo'n Libel. In dit geval de Vuurlibel. Het mannetje is dieprood van kleur, de oudere vrouwtjes worden goudbruin.





U herkende haar natuurlijk al meteen aan die dikke kuiten: dit is het vrouwtje van de Blauwe Breedscheenjuffer. Vrij algemeen; ook erg mooi.





En dit is dan haar man.





Dit is de Bruinrode Heidelibel. Die hebben we jaarlijks ook in de tuin. Ik zet dan een stok voor hem neer zodat hij voor de jacht een prettige uitkijkpost heeft. En ik een fotokansje...





Nog een Watersnuffel. Hier op zijn uitkijkpost boven het water.





Aiai, een Muurhagedis. Komt hier te lande alleen in het zuiden van Limburg voor en ik mag niet vertellen waar ik deze trof. Zeer zeldzaam dus, en werkelijk prachtig om te zien.





Wie hem zijn naam gegeven heeft weet ik niet, maar dit is een Koevinkje. Mooie, warmbruine vlinder met opvallende 'ogen.'


maandag 26 augustus 2024

Even iets moois nr. 553 - Brabant

Meestal elk jaar doe ik een rondje Noord-Brabant. Nou ja, rondje, ik kijk even in natuurgebied De Brand of ik de boomkikker kan vinden, dan bezoek ik een uurtje of twee de Loonse en Drunense Duinen, om daarna nog door te stoten naar het Wandelbos in Tilburg; voor de grondeekhoorntjes natuurlijk. De mens (en vooral de Gerrit) is een gewoontedier nietwaar? Daarom wat oude bekenden in deze blog.





De afgelopen tijd heb ik op diverse plekken geprobeerd wat van de bloeiende heide te fotograferen. Die stond er grotendeels aardig bij, al slaat hier op de Westerheid bij Hilversum de vergrassing toe. Leuk wel, ik was er eerder dan de zon en toen die eenmaal zijn eerste stralen boven het geboomte uitstrooide kreeg ik een mooi warm licht.





De Westerheide wordt doorkruist door paden en sporen, en je verwacht elk moment Boender Martje of een karretje op de zandweg tegen te komen.





Nog een keer de Westerheide. Ik was even daarvoor ook nog bij de Leusderheide maar dat grenst aan natuurgebied Den Treek. En omdat ze even geen raad wisten met een speelse wolf aldaar was ook de Leusderheide volledig afgesloten. Jammer.





O ja, De Brand. Een natuurgebied rijk aan allerlei soorten amfibieën, libellen en vlinders. Er stond afgelopen vrijdag veel wind en ik was bang dat de Boomkikkertjes zich schuil zouden houden. Maar na wat zoeken en speuren vonden we er toch een paar.





Het liefst zitten ze in de bramenstruiken en daar jagen ze op de kleine vliegjes die weer op de bramen afkomen. Nou ja, jagen, komt de zon een beetje door dan koesteren ze zich graag in de warmte. Bijzonder wel dat ze zich nooit op zo'n doorn spietsen wanneer ze van tak naar tak springen. Of zou deze...





Nooit eerder zag ik zoveel Bloedrode Heidelibellen als dit jaar. Dit levensstadium heet 'imago' en dat in tegenstelling tot 'larve' of 'nimf.' 





Het had nogal geregend de dagen hiervoor en de zandverstuivingen in de Loonse en Drunense Duinen waren nu deels gevuld met kleine meertjes en vennetjes. Wij waren op zoek naar de heide, maar omdat we niet op het rechte pad bleven vonden we die niet. En ach, dit is ook mooi.





Het Wandelbos in Tilburg. Een stadsbos waar ooit een dierenparkje was met Aziatische Grondeekhoorntjes. Het dierenparkje werd ontmanteld en hoe deze eekhoorntjes nu zomaar in het wild terecht kwamen? Ontsnapt, losgelaten, verstopt, er doen meerdere verhalen de ronde. Feit is dat ze enorm fotogeniek zijn en niet schuw, dus elke fotograaf bezoekt bij tijd en wijle het Wandelbos, met een handje pelpinda's in zijn zak. Van de gementeraad mogen ze - hoewel exoot - blijven en de lokale havik zorgt dat de populatie niet uitgroeit tot een plaag.





Ze zijn klein (zonder staart maar een centimeter of 8 tot 10) en beweeglijk, maar door hun schutkleur kost het tijd om ze te ontdekken. Grappig is dat: als ik daar loop hoor ik altijd de kinderen die ze vinden, terwijl hun ouders zich rot zoeken. Niet de enige reden om weer jong te willen zijn...







zondag 3 september 2023

Even iets moois nr. 523 - van alles wat...

Van alles wat. Afgelopen weken zaten we in de kop van Overijssel, was ik op zoek naar reeën en pobeerde ik ook nog wat mee te pakken van de paarse heide. En zo kom ik op onderstaande collectie.





De Bloedrode Heidelibel, man. We liepen een klompenpad door De Wieden, met matig succes de muggen van ons afslaand. Telkens vloog voor ons een Bloedrode Heidelibel op, maar het duurde even voor er eentje was die zich liet besluipen.





De Wieden, land van riet, water en hoge luchten.





Dat je daar een Moerassprinkhaan ontmoet wekt dan ook geen enkele verbazing.




Gebeurt me niet elke keer: een Torenvalk die zich even uitgebreid laat bewonderen. Ik maak dankbaar gebruik van de gelegenheid en zeg zachtjes 'dankjewel.'





Nou, en als dan een paar kilometer verder nóg een Torenvalk even blijft wachten tot ik mijn plaatjes gemaakt heb, dan zeg ik graag nóg een keer: 'dankjewel.' Een beetje wellevendheid wordt altijd gewaardeerd, zeker door een Torenvalk.





Heide dus. Die begon al aardig te verpieteren en het echte paars was er al wel een beetje af. Komt ook doordat het wolkendek geen zonnestraaltje doorliet. In ieder geval hier een wel zeer klassieke compositie, met een mooie 'invoerende lijn.'





Een wat nurks kijkende Schotse Hooglander geeft wat vulling aan het heidelandschap.





Eh, juist. Op de grond scharrelen wat vogeltjes die ik niet zo gauw herken, hoewel ik wel een vermoeden heb. Het blijken Boomleeuweriken, die zich in kleine groepjes verzamelen voordat de reis naar het zuiden begint.





Op de Westerheide bij Hilversum leven best aardig wat Reeën. Heel schuw zijn ze niet omdat ze het gebied delen met fietsers, joggers en fotograferend gespuis zoals ik. Even een schattende blik en dan eet ze weer rustig door.





De vogeltrek begint aarzelend (nou ja...) op gang te komen. Gierzwaluw, grutto en tureluur zijn al weken vertrokken en we zien nu de Tapuiten langskomen op hun tocht van noord naar zuid. In ons land is hun biotoop (zandige, stenige vlaktes) nauwelijks voorhanden, dus een Tapuit zie je vrijwel uitsluitend tijdens de trek. Gek genoeg meer vrouwtjes dan mannetjes.

zondag 10 juli 2022

Even iets moois nr. 483 - Ondertussen in de polder...

Wie af en toe een kijkje neemt in onze polders, ziet dat ze barsten van het jonge leven. En uitgebluste - of stiekem toch opgeluchte - ouders. Maar je moet soms wel even zoeken tussen de uitbundige begroeiing. Dat deed ik dan ook maar.





Ik rij voorzichtig door de polder over een eenbaanswegje als ik iets zie wegvliegen. Ik stop, pak mijn verrekijker en volg de vogel. Tot mijn verbazing maakt-ie een rondje en landt dan vlak naast de auto, en dan zie ik ook pas wat het is: de Kleine Plevier. Leuke ontmoeting met een mooie vogel.




En van diezelfde Kleine Plevier zien we hier een jong. Nou ja, puber eigenlijk al. Zorgt helemaal voor zichzelf, maar dat doet-ie eigenlijk al vanaf zijn geboorte. De kenmerkende gele oogring is al goed te zien.
 





Nog helemaal in de ouderzorg: Meerkoet met jong. Zal wel een tweede nest zijn.





Ha, dat is wel duidelijk: kinderen uitgevlogen, even tijd om helemaal uit m'n dak te gaan. Gele Kwikstaart in herkenbare jubelstemming.





Jonkie Boerenzwaluw. Vliegt al goed maar is voor eten afhankelijk van zijn ouders. Die kwijten zich voorbeeldig van hun taak.





Ook in veel tuinen te zien: de Bloedrode Heidelibel. Hij blijft lang zitten en geeft mij daarmee de gelegenheid om wat te experimenteren met licht en achtergrond. Deze in tegenlicht met lichte, pastelkleurige achtergrond.





Dezelfde libel op een ander blommeke, nu voor de zon af wat 'vettere' kleuren geeft. Pastel of olieverf, kwestie van smaak natuurlijk.





Ik ben maar net op tijd om de Zwarte Sterns te fotograferen. De meeste hebben hun vlotjes al verlaten en zijn terug te vinden in polders met veel krabbescheer in de sloot. Ook dit jong is al vliegvlug, maar jaagt nog niet zelf.





Ik hoorde 'm eerder dan ik 'm zag: de Grauwe Vliegenvanger. Een in alle opzichten onopvallend vogeltje en waarschijnlijk om diezelfde reden zag ik hem nu pas voor het eerst dit jaar.





Nee, inderdaad, geen wereldfoto, maar we zien hier wel een Krombekstrandloper! Opmerkelijk: hij ruit al van zomer- naar winterkleed. Hun broedseizoen, ergens in arctisch Siberië, is kort en deze is al weer op weg naar Afrika voor de overwintering. O ja, er vliegt een Tureluur voorbij. Dat hadden we zo afgesproken, anders wordt de foto zo saai.





Ik bedacht me onlangs dat ik qua Grutto veel volwassen vogels zie, ook wel hun pulletjes, maar nooit een halfwas. Toch denk ik dat dit er eentje is, een soort Grutto-puber. Zal eind deze maand ook wel vertrokken zijn. Ze arriveren met veel kabaal, maar blazen de aftocht in stilte. Wat me doet denken aan die oude vriend die... Nou ja, laat ook maar.