maandag 27 oktober 2025

Even iets moois nr. 596 - Nog meer paddenstoelen

Nog meer paddenstoelen. Dit jaargetij hang ik de grote lens even aan de wilgen en richt ik het oog (en de camera) voornamelijk naar de grond. Qua verschijningsvorm blijven de zwammen en boleten me fascineren.





Leuk, twee Vliegenzwammen waarvan één jonkie. In de achtergrond een pand van Natuurmonumenten.





Een groepje Bundelmycena op rottend hout. Komt ook voor op rieten daken, maar dan is het tijd voor een nieuw.





Op een van die witte hoedjes zit een vlieg, maar die lijkt geen Nederlandse naam te hebben. Ik bespaar u de Latijnse.





Het Heksenschermpje. Leeft in loofbossen. Is giftig, maar vergiftigingen met fatale afloop zijn niet bekend. Ruikt naar anijs, maar zo dicht was ik er niet bij.





Misschien de Braakrussula, maar in ieder geval een russulasoort. Zelden helemaal gaaf te zien en ik weet niet waarom dat zo is.





Weer het tweetal van de eerste foto, maar nu alleen scherp gesteld op de voorste. Het blijft toch een iconisch stoeltje, die Vliegenzwam.





Zoals vaker gezegd vind ik een onderwerp in zijn biotoop altijd wel aantrekkelijk. Daarom hier, van enige afstand, een Russula met het bos als entourage.





Zeldzaam, deze Kammetjesstekelzwam. Jong goed te eten. Vorig jaar zag ik in dezelfde omgeving - het Corversbos - een veel grotere. Die was zo overweldigend qua verschijning dat ik dagen van slag was.





Die zie ik nu voor het eerst: de Narcisridderzwam. Giftig, en de geur is onaangenaam en doet denken aan gas of teer.





Gewone Zwavelkop. Zeer algemeen en toch ook weer giftig.


zondag 19 oktober 2025

Even iets moois nr. 595 - Paddenstoelen

Niet aan te ontkomen natuurlijk, in dit jaargetij. Diverse dagen ben ik op diverse plekken op jacht gegaan naar aansprekende paddenstoelen. Ik vind ze buitengewoon fascinerend en de variëteit in kleuren en vormen is oneindig. Als je nagaat dat er zo'n 5.000 soorten in ons land voorkomen (tegen 250 soorten vogels) dan is te begrijpen dat je nooit uitgekeken bent. Daarbij is de naamgeving - geen idee wie die bedenkt - soms razend creatief en een andere keer bijzonder raadselachtig. Dit jaar hoopte ik in ieder geval te zien de spechtinktzwam, de kopergroenzwam en de zalmzwam. Die laatste is nog niet gelukt...





De Panteramaniet. Giftiger dan de vliegenzwam. Mooi plaatje wel, zo vrijstaand en met wat herfstbladeren op de voorgrond. Sowieso zie ik dit jaar enorm veel Panteramanieten.





Aha, de Gele Knolamaniet, heel jong exemplaar. Niet heel giftig, maar wel een beetje. Gevaar zit er in dat je 'm verwart met de groene knolamaniet en die is heel erg giftig. Gewoon maar laten staan dus!





En wat zien we hier dan? Dit is de Grote Bloedsteelmycena, een veel voorkomend paddenstoeltje op rottend beukenhout. Zijn naam dankt hij aan het feit dat hij bij beschadiging een roodbruin vocht afscheidt.





Blijft natuurlijk altijd mooi, zo'n Vliegenzwam. Ik fotografeer hem liefst op ooghoogte waarbij een stukje omgeving ook zichtbaar is. Zoals hier, en u herkende waarschijnlijk al het bos rond Bilthoven.





Op een landgoed boven Naarden - zo luidde de tip - is een laantje waar de Spechtinktzwam rijkelijk voorkomt. En laat ik die nou ongelooflijk mooi vinden! Hij is aanvankelijk volledig bedekt door een wit en viltig velum dat bij het uitgroeien van de hoed in onregelmatige banden openbreekt en dan doet denken aan de veren van een grote bonte specht. Vandaar de naam. De smaak ik onaangenaam naar ik begreep, dus alleen maar kijken. Nou ja, en fotograferen...





Hier nog eentje dan. Deze staat pal naast een fietspad en ik word bevreemd aangekeken door de passerende fietsers. Misschien wel een raar gezicht: iemand van 68 die zich op zijn knieën een weg baant door de woekerende klimop...





De Rechte Koraalzwam. Veel voorkomend, vooral op takken en stronken van iep, beuk en eik.





Helemaal dood gefotografeerd natuurlijk, die Vliegenzwam. Even proberen er een ander zicht op te krijgen.





Of dan toch maar weer met wat omgeving er bij.





Nóg een Panteramaniet. De hoed is helemaal ontplooid. Fraaie paddenstoel.





In de berm van de sporthal waar ik ben opgeroepen voor een coronaprik staat deze fraaie Geschubde Inktzwam. Een van de honderd soorten inktzwam die in Nederland en België voorkomen. Het is een nematofage schimmel zegt de catalogus en daar heeft hij het maar mee te doen.





Op landgoed Gunterstein tref ik deze Prachtamaniet. Hoofdzakelijk te vinden langs Eikenlanen. Zeldzaam.





Ja, zeg het maar. Het is een van de veel voorkomende soorten Russula, maar welke? |Opvallend vind ik dat je vrijwel nooit een onbeschadigde Russula vindt. Ze zijn altijd aangevreten, gescheurd of omgevallen. Hoe dat dan weer komt?





Had ik al eens verteld dat ik een fan ben van Springspinnetjes? Deze verscheen plots thuis op de zitbank. Hij vond het poseren eerst wat spannend, maar nadat hij een rondje mocht lopen over de camera ging hij er echt even voor zitten. Die middelste ogen zijn een soort telelensjes en hij is daardoor waarschijnlijk het best ziende insect dat we kennen. Ooit zag ik er eentje in onze caravan een vliegje bespringen. Hij doet dat sneller en handiger dan ik met een vliegenmepper. Komt mede omdat hij zich zekert met een draadje dat hij tijdens de sprong maakt. Sindsdien heb ik een onbegrensde bewondering voor deze rakkertjes van hooguit een centimeter groot. Als dank voor het portret wees ik hem een plekje achter het gordijn, waar hij ongestoord en warm zijn leven kan leiden. 


zondag 5 oktober 2025

Even iets moois nr. 594 - Amsterdamse Waterleidingduinen

Afgelopen vrijdag toog ik weer eens naar de AWD. Waar ik rond Hilversum de bronst van de reeën gemist had, evenals die van het edelhert op de Veluwe, daar moest het toch lukken bij de Damherten? Dat was ook wel zo, al miste ik grote gevechten. En toen ik begin van de middag was uitgefotografeerd en -gefilmd op de herten, schakelde ik over op de paddenstoelen. Het werd zodoende een gevarieerde, interessante en leerzame dag.





Dezer dagen - de bronsttijd is inmiddels aangebroken - hoef je niet te zoeken naar grote geweien. Ze lopen, draven of liggen even uit te puffen.





Het geeft alle mogelijkheid voor mooie portretjes.





Hier probeert een bok zijn hindes bij elkaar te houden. Dat valt niet mee, want de dames lopen makkelijk over naar een ander. Alertheid is dus geboden.





De punten van het gewei zijn bij volwassen mannen verbonden door een plaat; het is daardoor één geheel geworden. Bij bijv. edelherten blijven het afzonderlijke stangen.





Bokken worden ook wel 'schoffelaars' genoemd, naar hun 'schoffelgewei.' Dat ze schoffelen zie je hier maar ook op het filmpje dat ik maakte.





Een geringschattende blik op een onvolwassen mannetje. Verschil tussen mannen en jongens moet er natuurlijk zijn. Zijn tijd komt met een jaar of twee, drie wel.





Zelfbewust poseert deze bok voor de camera. In april gooit hij zijn gewei af, waarna het in luttele maanden aangroeit tot iets dat groter is dan vorig jaar. Bijzonder toch.





Grote Parasolzwam. De duinen staan er vol mee. Sommige zo groot als een krukje.





Zeer algemeen, maar ik kende hem nog niet: de Wollige Bundelzwam. Mooi, die schilferige hoed. 'ns kijken of ze zoiets ook niet in een hoedenwinkel hebben...





Ook zeer algemeen, maar altijd prettig om te zien: het Gewoon Zwavelkopje. Jong hebben ze een bolvormig hoedje, maar met een paar dagen worden het platte schijfjes. Ik vind dit leuker.





Zeer algemeen, maar ook zeer bijzonder: Heksenboter. Het is een slijmzwam die de eigenschap heeft dat hij zich kan verplaatsen. We zien dat hier ook: hij schuift langzaam van rechts naar links. Om zijn snelheid te meten heb je eerder een kalender nodig dan een stopwatch.





Hoe mooi is dit toch, de Prachtvlamhoed. Hij is redelijk algemeen, saprobiont, en groeit vrijwel uitsluitend op loofhout.





De Koningsmantel. Groeit voornamelijk op tamelijk verse stronken dood naaldhout.





Fijn toch, dat het weer herfst wordt. Helemaal zin an.